VLAS # 2:
1 LAATSTE BLOEMETJE
HEEMTUIN BEGIJNHOF # 27
.jpg)
Vlas werd in mijn jeugd op het Zeeuwse eiland Schouwen Duiveland voornamelijk verbouwd rond het dorpje Dreischor.
Ik was nog te jong om me er veel van te herinneren, het ras zeker al niet en ook niet wat het doel was.
Wel herinner ik me de akkers met de schoven. Die schoven bleven op het land staan om te drogen en dat zag er dan zo uit. Die schoven werden vanwege hun vorm geloof ik ook wel "vlaskappeletjes" genoemd in Katholieke contreien.
Het werd niet gemaaid maar met wortel en al uit de grond getrokken.
Het werd toendertijd verbouwd om tee redenen: van de vezels van de stengels werd de grondstof voor linnen gemaakt en van de zaden lijnzaadolie. Ik vermoed dat boeren het kweekten voor of het 1 of het ander, want er bestaan ook 2 aparte rassen voor, de ene bloeit met witte bloemetjes en de ander met blauw, welk van de 2 voor welk doeleinde weet ik niet. De planten gaan al snel na het zaaien bloeien en de bloemtjes bloeien (per plant) niet langer dan 1 dag.
Ook was er in en rondom het genoemde dorp een klein landbouw industrietje. Bij sommige boerderijen waren een soort stenen gebouwtjes die ik zou omschrijven als er uitziend als een soort oventjes in de vorm van tegenwoordige energiecentrales maar veel kleiner natuurlijk.
Ik denk dat dat de oudste manier van zelfstandig bewerken was die misschien wel teruggaat tot de 19e eeuw.
Ook was er buiten het dorp een z.g.n. roterijfabriek (roten is 1 van de bewerkingsproecessen). Dat was een vrij grote fabriek midden in een polder met een chique huis erbij en een enorm hoge schoorsteen. Al rond 1970 was die fabriek in onbruik geraakt en werd het een ruine want het gewas werd niet langer verbouwd.
Tegenwoordig is er door o.a. de stijgende vraag naar linnen en nieuw bedachte toepassingen van het gewas weer een comeback in de verbouw ervan, voor zover ik weet in ieder geval in Zeeland en het westen van Noord Brabant.
De verbouw vanwege de vezels om linnen van te maken gaat tot 6 a 8000 jaar terug en over dat proces valt hier meer te lezen: Van vlas tot linnen.
De olie werd vroeger vooral gebruikt voor het verdunnen van verf. Of die die toepassing nog bestaat weet ik niet.
Nog weer een andere toepassing van de plant was ook een medicinale.
Twee nieuwere toepassingen zijn het maken van z.g.n. lijnkoeken die als veevoeder dienen, en het maken van vezelplaten.
De Latijns-wetenschappelijke naam van de plant is Linum usitatissimum, wat zoiets schijnt te betekenen als "meest gebruikte linnen".
Het gewas werd (althans vroeger) ook verbouwd in Drente, Belgie (v.n.l. Vlaanderen ?) en Frankrijk.
Tot slot wil in nog vermelden dat er ook een Vlaamse speelfilm is gemaakt die de De Vlaschaard (1983) heet, gebaseerd op een boek uit 1943 van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels.
De film is vooral een sociaal drama met een norse herenboer en alle sociale toestanden uit die tijd. In de film gaat het qua vlas alleen over het zaaien, de teelt en de oogst, niet over de bewerking van de oogst. De oogst wordt in die film simpelweg verkocht.
De film is vooral een sociaal drama met een norse herenboer en alle sociale toestanden uit die tijd. In de film gaat het qua vlas alleen over het zaaien, de teelt en de oogst, niet over de bewerking van de oogst. De oogst wordt in die film simpelweg verkocht.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten