maandag 27 oktober 2008


HAAGBEUK BLAADJE


Ongeveer een half jaar geleden had ik het al over het heggetje rondom het Sint Luciaplein en mijn vermoeden dat het Haagbeuk was, maar ik had het toen voornamelijk over de vorm van de takken die zeer gekruld waren. Zie:
BEUK ALS HEG # 1
BEUK ALS HEG # 2

Ditmaal wil ik het over de blaadjes hebben omdat de Haagbeuk zich daarmee onderscheid van de (echte) Beuk) en het feit hoe deze 2 houtachtigen (veelal bomen) zich van elkaar onderscheiden.

Het blaadje op bovengaande foto heb ik vanmmiddag in het voorbijgaan geplukt en thuis met flitslicht gefotografeerd.

Zowel de (gewone / echte) Beuk als de Haagbeuk zijn in principe allebei forse bomen maar ze behoren tot verschillende plantengeslachten en zelfs families.

De Haagbeuk behoort qua familie tot de Berkenfamilie die weer uit diverse geslachten uiteen valt.

Berkenfamilie = Betulacea:
Geslachten:
1.) Berken = Betula,
2.) Elsen = Alnus,
3.) Carpinus (in Nederland slechts 1 soort: Haagbeuk),
4.) Hazelaars = Corylus.

De (gewone / echte) Beuk behoort tot de familie der Napjesdragers die ook weer uit diverse geslachten bestaat:

Napjesdragersfamilie = Fagaceae:
Geslachten:
1.) Kastanjes = Castanea (niet de Paardenkastanjes maar de Tamme Kastanje, de enige soort van dat geslacht in Nederland),

2.) Beuken = Fagus,
3.) Eiken = Quercus.

Zo zie je maar Eiken en Beuken (althans de Beuk = Fagus Sylvatica waarvan de Rode, Bruine Purperen Beuk cultivars zijn) zijn dus onderling verwant. Beter gezegd de Beuk is verwanter aan de Eiken dan aan Haagbeuk omdat deze laatste tot een andere familie behoort.

Het verschil tussen Beuk en Haagbeuk is ook goed te zien aan de bladeren, vandaar dat ik de foto van dit blaadje toon. De bladeren van Haagbeuk zijn aan de bladrand dubbel gezaagd. Die van Beuk zijn aan de rand gaaf of lichtelijk gegolfd (al is dat laatste meen ik geen offcieele term).

Haagbeuk = Carpinus betulus. De soortnaam verwijst zelfs naar de Berkenfamilie. Andere Nederlandstalige namen die vroeger ook wel eens gerbuikt werden zijn Steenbeuk, Jukbeuk en Wielboom. Hij is eenhuizig wat wil zeggen dat ie zowel vrouwelijke als mannelijke bloemen heeft maar dus wel verschillende bloemen.

Over eenhuizig, tweehuizig etc. heb ik het wel eens eerder gehad zie de uitleg over de geslachtsorganen bij planten. Die uitleg is deel van een verhaal over Hulst maar daar moet je dan maar even omheen lezen.

Haagbeuken kunnen als boom zeer grillige vormen aannemen, hier een voorbeeld foto daarvan. Ze zijn autochtoon in vrijwel heel Europa en als boom kunnen ze 15 tot 25 meter hoog worden.

Ook Beuken zijn eenhuizig maar kunnen veel hoger worden, wel tot meer dan 40 meter en ook van de (gewone) Beuken worden wel heggen gemaakt, meestal hoge heggen, maar vrijwel alle kleine (lees lagere) heggen worden gemaakt van de Haagbeuk soort. Omdat hun takken zo anders zijn dan die van Beuken en Haagbeuken gemakkelijk tot compacte heggetjes te maken zijn door regelmatig snoeien.

De verwarring schuilt em in de Nederlandstalige naamgeving, die ik ergens erg mooi geformuleerd vond, namelijk: "Een beukenhaag is iets anders dan een haagbeukenhaag".

De gemakkelijkste manier om ze uit elkaar te houden is door te letten op de rand van de bladeren.

De vruchten van beide soorten zijn ook totaal verschillend. Iedereen kent wel de Beukennootjes (waar overigens (tegenwoordig ?) maar zelden de befaamde eetbare vruchten in zitten). Ik heb wel eens gehoord dat er maar eens in de zoveel jaar iets eetbaars in Beukennootjes zit en dat ze vaak leeg zijn. Is er soms iemand die daar meer over weet en wilt schrijven ?

Ook hier is 1 en ander over de verschillen te lezen en wat mij aanzette het er ook eens over te hebben.

6 opmerkingen:

  1. > Ik heb wel eens gehoord dat er maar eens in de zoveel jaar iets eetbaars in Beukennootjes zit en dat ze vaak leeg zijn.

    Ik weet er het fijne ook niet van maar ik weet wel dat er dit jaar in heel Nederland niet 1 volgroeid beukennootje te vinden is. Er is iets met de bevruchting misgegaan. Jaren met weinig volle beukenootjes zijn normaal maar zoals nu in 2008 een jaar met niet 1 vol nootje is zeer uitzonderlijk.

    Groet JL

    BeantwoordenVerwijderen
  2. > Het blaadje op bovengaande foto heb ik vanmmiddag in het voorbijgaan geplukt en thuis met flitslicht gefotografeerd.

    Ik hou altijd wel van dit soort foto's. Het liefst nog met lineaal- en kleurstroken. Ook uit elkaar geplukte onderdelen zoals bij Karl Blossfeldt vind ik geweldig.

    Wat me opviel aan jouw geflitste foto is dat je een schaduw aan de voorkant weet te creƫren. Ik weet dat je niet met een externe flitser werkt - maar goed, verder een opmerking van non en generlij waarde.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Beste JL,

    Dank voor je 2 reacties, en ik zal ze er ook apart op reageren. Het verhaal van die wisseljaren over Beukennootjes heb ik van jou ja.

    Leuk dat je zo zeker weet dat erdit jaar geen nootjes zijn, blijkbaar heel NL Doorgerisd en veel onder bomen gezocht.

    Blijkbaar heb ik dan nog deze afgelopen maand de enige Beukennoot van het land mogen eten, echt waar, ik vond de noten en herinnerde me weer de truuc om ze zonder gereedschap met je eigen handen open te maken en het lukte me en was verbaasd er iets in te vinden en het stelde niet veel voor maar stopte het toch in mijn mond (alleen grote hoeveelheden zijn licht toxisch) en het smaakte goed.

    Ik denk dat het niks met bevruchting te maken heeft maar ik kan het niet wetenschappelijk bewijzen. Het zou evengoed kunnen zijn dat het niet goed gaat met de schimmel waarmee Beuken (Fagus) samenleven.

    Laten we er op los speculeren !
    Ik hoor graag andere theorieeen.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Mijn foto was inderdaad een gortdroge observatie, ook niet als meer of minder dan dat bedoeld. Het gaat me om het blaadje en heb inderdaaad wel overwogen er een lengtemaat bij te tekenen maar bedacht me op het laatst en had me voorgenomen de afmeting ergbij gte schrijven maar ben het vergeten, vandaar hierbij alsnog: 5 centimeter ! Of dacht jij een meter of 2 millimeter ? Wetenschappelijk gezien heb je volkomen gelijk, maar foto's met een lineaal erop vind ik simpelweg lelijk en wat betreft kleur is het ook maar net de vraag wat je als referentie ijk medium neemt.

    Blijkbaar kan ik dus nu al fotograferen door frontaal te schieten met een interne flitser en toch in eigen richting een slagschaduw te creeeren. Ik kan je wel eens laten zien hoe ik dat deed, je zal "ah" roepen bij het zien van hoe simpel het is.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Hee A,

    Dat van die schaduw moet je maar eens uitleggen. Werk je met spiegels misschien?

    Over de nootjes heb ik een aantal quotes die ik vond door op het woord 'mastjaar' in Google te zoeken:

    Beuken kennen iedere vijf tot zes jaar een goed zaadjaar. In deze zogenaamde mastjaren stopt de Beuk bijna 2/3e deel van de in dat jaar geassimilleerde suikers in haar vruchten.

    Er zijn de rijke jaren, de zogenaamde mastjaren, met een zeer grote productie en er zijn arme jaren met nauwelijks nootjes. En als er al nootjes worden gevormd, gaat een zeer groot deel verloren omdat ze veel door dieren worden gegeten.

    Voor het opgroeien van een kiemplant tot boom hebben Beuken schaduw nodig: Jonge bomen gaan vaak dood als zij in de volle zon staan omdat de stam geen felle zon op de bast verdraagt. Doordat de kroon van oudere bomen zich verbreedt zorgen Beuken er zelf voor dat hun stam wordt beschermd tegen fel zonlicht. Vanwege de behoefte aan schaduw kan een Beuk zich wel onder een Eik ontwikkelen maar vanwege de behoefte aan licht kan een jonge Eik niet onder een oude Beuk opgroeien.

    Een mastjaar is een jaar waarin een vruchtendragende boom extra veel vruchten produceert. In 2007 waren dat beuken en hazelaars.

    Vroeger hadden eiken en beuken elke vijf tot zeven seizoenen een mastjaar, met sterkverhoogde productie aan eikels en beukenootjes. Tegenwoordig vindt dat fenomeen om de twee tot driejaar plaats. Het vaker optreden van mastjaren wordt door deskundigen gezien als een soortpaniekreactie op de steeds zwaardere leefomstandigheden voor de bomen, zoals hogere temperaturengecombineerd met toenemend drogere bodem en viezere lucht (fijnstof!).

    Een mastjaar is een stressfactor die veel energie van bomen vergt waardoor minder blad-massa wordt gevormd.

    Eiken en beuken hebben normaal slechts om de 7 jaar een 'mastjaar', een jaar met bijzonder veel nootjes.

    Een gekend voorbeeld hiervan is het verband tussen mastjaren en uilenpopulaties: tijdens goede zaadjaren bij beuken en eiken zijn er duidelijk meer muizen en andere kleine knaagdieren. Dat leidt in het volgende voorjaar dan weer tot grotere uilenpopulaties.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Hoi JL,

    Hartelijk dank voor je verhaal over Beukennootjes en mastjaren. Niet zo;n kunst om daar met goegelen van alles over te vinden maar de clou zit em erin dat je eerst het woord mastjaar moet kennen en ikzelf had er nog nooit van gehoord. N.a.v. je research ga ik denk ik een hele reeks artikelen (berichten) maken.

    Ik zit zowieso zonder foto's en ook vandaag was er het weer niet naar om er eens lekker op ui te trekken, veel miezerige motregen en behoorlijk koud. Eind van de middag mat ik 6 a 7 graden Celcius.

    BeantwoordenVerwijderen